Uit het programma van het orkest Čalgija deze muziek met een wel heel ingewikkeld ritme, zelfs ik moest het een paar keer langs laten komen. Maar als je hem speelt is het redelijk verslavend.
Το αηδόνι is Grieks voor de nachtegaal: de zang van deze vogel heeft vast de oorspronkelijke muzikant geïnspireerd.
De maatsoort – zoals ik hem denk – is een combinatie van twee maten. 2+3+3+2+2 / 16 en 2+3+2+2 / 16. In de Bulgaarse muziek komt de tweede maat voor en wordt dan Grânčarsko horo genoemd. De eerste maat zou je ook zo kunnen denken – maar dan met een dubbel 3/16 element er in. De eerste maat kan je ook opdelen in 2+3 / 16 (pajduško) en 3+2+2 / 16 (‘normale’ 7/16) als je dat makkelijker lijkt.
Dick van der Zwan leert een dans aan op deze muziek met de naam Thessaliótiko Vláchiko Syngathistós Chorós (deze naam spreek je ook uit in 21/16).
Wouter Swets, de oorspronkelijk oprichter en bandleider van orkest Čalgija, was geïnspireerd door een opname van Símon Karás. Je hoort meteen duidelijk een verschil in hoe Wouter het ritme interpreteerde. Hij had duidelijk een voorkeur om het ritme (een beetje op een Bulgaarse manier) strak in blokjes van 3 en 2 zestienden te zetten. Als je de originele muziek kritisch analyseert dan klopt dat misschien wel, maar de uiteindelijke interpretatie werkt dan toch anders uit.