In dezelfde stijl als Mâdro, uit Kotel, wordt deze langzame, statige râčenica gespeeld uit het dorp Žeravna – een Bulgaars nationaal architectuurreservaat. In het dorp staan bijna 200 huizen uit de Bulgaarse renaissance.
Žeravna ligt zo’n zes kilometer te zuiden van Kotel, in het Oostelijke Balkangebergte.
Ieder jaar wordt in Žeravna het klederdrachtfestival georganiseerd. Het festival is een uniek driedaags cultureel evenement dat de sfeer van het Bulgaarse leven van meer dan een eeuw geleden volledig nabootst. Om deze historische ervaring te garanderen, is het voor alle bezoekers en deelnemers verplicht om traditionele klederdracht te dragen en zijn hedendaagse voorwerpen zoals mobiele telefoons, camera’s, zonnebrillen en plastic strikt verboden. Hierdoor kunnen gasten zich zonder afleiding onderdompelen in een wereld vol cultuur, natuur, traditionele volksmuziek, dansen, oude ambachten en lokale gerechten.
Ik heb dit stuk getranscribeerd voor de medemuzikanten van het orkest Čalgija. Wouter Swets had deze muziek al in het repertoire van Čalgija opgenomen en heeft het in 1981 vastgelegd. Deze opnames zijn pas in 2021 uitgebracht door TouMilou Records op het album Üçayak.
Čalgija speelt het een kwint hoger – het is opmerkelijk hoe het karakter van het stuk is veranderd hierdoor en natuurlijk door de interpretatie van Swets.
Er is bladmuziek voor B♭-instrumenten en E♭-instrumenten beschikbaar.